Kutscheid: hoe kom je van die naam af?

De man rechtsboven op de foto is Petrus Albertus Koetsheid (1882-1961), die in het Rotterdamse Parkhotel toekijkt bij een schaaktournooi. Hij was vorige eeuw een bekende naam in de Nederlandse schaakwereld. Wat bijna niemand wist, was dat hij helemaal niet Koetsheid heette.

Foto: Het Vaderland, 20 maart 1933
Foto: Het Vaderland, 20 maart 1933

Petrus heette officieel Kutscheid. Een gewone Duitse naam die in het Nederlands helaas wat minder gelukkig klinkt.

Koetschat, Koets en Koetsheid

Daar was Petrus’ opa Johann Kutscheid ook al achtergekomen toen hij ergens halverwege de negentiende eeuw van Baumbach in het hertogdom Nassau emigreerde naar Zeeland.

Hij probeerde zijn zoons dat leed te besparen door ze bij de burgerlijke stand aan te geven onder een valse naam. Albert Johan (1850) en Augustus Bernardus (1851) kwamen Koets te heten en Petrus Jacobus (1855) Koetsheid.

Probleem opgelost? Nee. Hoewel de burgerlijke stand toen verre van nauwkeurig werkte, moest een bedrog als dit vroeg of laat toch wel uitkomen. In 1867 werd Johann blijkbaar zo zenuwachtig dat hij de Middelburgse rechtbank zelf vroeg de geboorteaktes van zijn zoons te verbeteren.

Zijn argumentatie: Tot voor kort wist hij zelf niet beter of hij heette Johannes Koetschat en dus(?) had hij zich bij de geboorteaangiftes Johannes Koets of Johannes Koetsheid genoemd. Of zoiets. (Lees zelf het vonnis maar na. Ik kan het niet volgen.)

Koets werd Kutscheid werd Koetsheid

Het maakte ook allemaal niet uit, want dat er iets niet klopte was overduidelijk. Als de naam van de vader Kutscheid was, dan moesten de zoons ook zo heten. Albert, Augustus en Petrus werden daarom op bevel van de rechter omgedoopt.

Tot hun eigen verdriet waarschijnlijk, en zeker tot dat van hun nageslacht. Albert Johan Kutscheid alias Koets was de vader van de Petrus Albertus Kutscheid op het plaatje. Hij had onder de naam P.A. Koetsheid 45 jaar lang een schaakrubriek in De Maasbode. Ook zijn broer Charles Joseph Theophile Kutscheid noemde zich Koetsheid (waarom niet Koets, zoals zijn vader?).

Charles probeerde net als zijn opa de boel te neppen. Hij liet zich in Den Haag inschrijven onder de naam Koetsheid. Maar ook dit bedrog kwam uit, zoals je in het bevolkingsregister kunt zien:

Bevolkingsregister Den Haag 1913-1939
Bevolkingsregister Den Haag 1913-1939

Wat ik me steeds afvraag: waarom hebben Johann, Albert, Petrus en Charles geen officiële naamswijziging aangevraagd? Die zou zeker zijn toegekend. Hadden ze daar het geld niet voor?

Uiteindelijk is alles toch goedgekomen. Volgens de Nederlandse Familienamenbank is de naam Kutscheid tussen 1947 en 2007 uitgestorven. In diezelfde periode duikt de achternaam Koetsheid op. Er waren in 2007 negen mensen die (echt, officieel, helemaal zonder fraude) Koetsheid heten. Die naamsverandering bij koninklijk besluit moet er dus toch zijn gekomen. Na drie generaties ellende zijn de Kutscheids eindelijk van hun naam verlost.

Zou jij je achternaam veranderen als je Kutscheid heette? En zou je daar veel geld voor over hebben?

Gepubliceerd op

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *